Met de wind in mijn rug, kijk ik uit over de weilanden van Terwispel
De regen voel ik op mijn jas en zie de donkere wolken voorbij glijden in de lucht.
Zo onstuimig is nu de natuur en speelt zijn eigen spel boven de landerijen
En ik sta daar zomaar tussenin en het is een prachtig gezicht.
Dat heb ik in Terwispel geleerd, kijken naar de natuur
Hoeveel wandelingen heb ik wel gemaakt met Doerak en de kinderen
En elke wandeling was weer even mooi.
Tijdens het wandelen kan je goed nadenken, overpeinzen is het elke keer
En ik ben zo blij dat ik het allemaal zie en daar mijn ontspanning in kan vinden.
Wat voor weer het ook is: zomer, herfst, winter of voorjaar
Het heeft elke keer weer zijn charme.
In de winter gaan elke ochtend om 8.30 uur duizenden ganzen over Terwispel
Luid gakkend met elkaar zoeken ze stuk land waar ze hun voedsel gaan zoeken voor die dag
Het is elke ochtend weer een belevenis .
Dan fiets ik met de kinderen naar school en is er zo’n spektakel in de lucht
De natuur gaat in deze hectische wereld gewoon door en speelt zijn eigen spel.
S’avonds als het buiten donker wordt, hoor ik de ganzen weer
Ze gaan terug naar Beetsterzwaag waar ze de nacht doorbrengen.
“De guozzen ( ganzen) hé Mamma, die gaan bij Pake en Beppe in de bos slapen”
dat wordt mij elke dag weer gevraagd, de kinderen zien het ook.
En straks het voorjaar, dat de lammetjes weer dartelen in de wei
Het gras is weer groen, de bomen weer in knop, de lucht hemelsblauw
En de wind die het voorjaar erin blaast, tijd voor weer blijere gedachten.
En als de lammetjes rond en dik zijn en als een volwassen schaap erbij staat
Mag het zomer worden en komen de avondwandelingen er weer bij
Iedereen is weer druk in zijn tuin en alles ligt er prachtig bij
Ik zie het nog zo voor mij, Riekele als baby in de kinderwagen
Met zijn grote ogen bestudeert hij de lucht en de blote beentjes genieten in de zon
De zomerdag die lang en lui over het weiland ligt
En waar geen einde aan lijkt te komen.
De boeren worden nu s’avonds weer druk en als wij laat in de tuin zitten
Denderen de trekkers nog laat over de brug van Terwispel
Het stoort in zijn geheel niet, want dit is het platteland.
In de boom zingt een merel en oh wat is het jammer dat hij zich even stil houdt
De houtduiven fladderen in de bomen en Doerak vliegt weer blaffend de tuin in
Hij zal ze wel even pakken en hij weet niet dat het hem nooit zal lukken
De vleermuizen komen ook weer voor de dag en geven wat spanning in de nacht die komt.
En leg je dan je hoofd achterover, zie je duizenden sterren en zit je zowaar in het heelal
Dan komen vanzelf de lange gesprekken en zijn deze avonden dierbaar.
Afscheid nemen van de zomer vind ik nooit erg, want de herfst is mooi
Met al zijn kleuren, en die geuren onder de bomen
en hoeveel kastanjes hebben wij al gezocht.
Terwispel is rijk met al zijn kastanjebomen en als ik eronder sta
Dan denk ik; wat ben je al oud boom
En hoeveel kastanjes heb je al laten vallen en hoeveel kindertjes waren ons voor
De boom geeft geen antwoord, maar ik zie zo zijn geschiedenis voor mij.
In de herfst krijg je soms gratis een levend schilderij
Als je hier langs de vaart loopt, zie je de avondnevel over het land liggen
De zon gaat rood/rose onder in het westen
En dat schilderij spiegelt in al zijn pracht in de kalmte van de vaart.
Als het pijpen stelen regent, is het wel eens lastig, want dan ga je niet zomaar naar buiten
Maar heb ik de kans, dan hijs ik mij in het regenpak en laarzen
En stamp ik samen met Doerak door de plassen.
Dat slechte weer houdt ons niet tegen
Even komen later we nat en voldaan weer thuis en drogen we ons bij de houtkachel weer op................
Terwispel een moai wenplak
2002
Voorjaar
De boeren hebben het druk gehad vandaag
Ze hebben “jarre” (koeienmest) op het land gegooid
En als ik de tuin inloop, ruik ik die heerlijke vlaag
De regen is even langs geweest en heeft de geur voltooid
Het voorjaar verwelkomt ons op deze wijze
In ons mooie dorp met de boeren als boventoon
Zullen de weilanden door hen weer diepgroen herrijzen
Ik zie het als een vreugdebetoon
En tijdens een wandeling zie ik weer een knop ontluiken
In een els of een hazelaar, de eerste houtgewassen die bloeien
Deze verandering mag het voorjaar elk jaar weer gebruiken
De winterslaap is voorbij, de tijd van uitbundig groeien
Ieder voorjaar vind ik het weer uniek
Tijd voor blijere gedachten en de zon verwelkomen
En de vogels uiten zich volop in hun eigen gemaakte muziek
Bouwen hun nesten om hun eieren uit te broeden in de bomen
Voorjaar kom maar gauw, ik omarm het nieuwe begin
De “ljip”(kievit) duikt en schreeuwt over het weiland
Opgewonden omdat hij terug is en bewaakt zijn komende gezin
Hij heeft niet in de gaten dat hij zo thuishoort in dit Friese land
Bij mijn huis tuur ik elke dag weer naar ons “swel tjes nêst” (zwaluwnest)
Stiekem verborgen in de punt van ons dak
Maar nog geen “sweltje” te bekennen, het is te vroeg, dat weet ik best
Toch hopen dat ze deze zomer weer jongen gaan brengen in de buurt van ons kamperfoelieblad
Het voorjaar met de lammetjes dartelend in de wei
hand in hand met de bolle wind, die het voorjaar erin kan blazen
Is voor mij ieder jaar heerlijk gastvrij
Met zijn pracht en praal , het zal mij altijd opnieuw verbazen
maart 2010
Een lief berichtje
april 2009
Strânljip
Strânljip ( scholekster ) je bent een strandloper
maar je begeeft je ook op het boerenland
Je staat bekend als een druktemaker, bij ons de altijd aanwezige landloper
nachts begeleidt je mij met het kenmerkende tepiet-tepiet geluid, een liefkozend trammelant
Hoe vaak heb je mij in slaap gesust
vertrouwd de onrustige roep in de nacht
Weet zeker dat jij niet bewust bent van deze “onrust”
jouw tepiet-tepiet geluid houdt over mij en onze omgeving de achterwacht
juni 2011
Nazomer
Caravans in de stalling, tenten op zolder, foto’s in het fotoalbum
De nazomer kan beginnen
En als ik erover nadenk is er geen duidelijke aanvangsdatum
Maar aan de nacht merk ik dat hij wel duidelijk (on) gemerkt zijn uren gaat winnen
Een eerste blad dat stiekem valt
Komt neer onder de druivenstruik
Terwijl de druif nog langzaam de kleur donkerrood uitstalt
Ik in herinnering de kamperfoelie zijn zomergeur nog ruik
Zwaluwen vliegen nog druk heen en weer
Happend naar vliegjes in de lucht
Zou het buikje rond moeten zijn voor de trek naar zuidelijker atmosfeer
Ze laten achter hun, dit boerengehucht
De eerste pompoenen en kalebassen worden in de tuin gezet
Met zijn warme oranje en gele kleuren
Is dit de eerste herfst-aanzet
En zal tot aan de echte kou buiten behaaglijk fleuren
Het hooi dat mooi en droog bij de boeren op zolder ligt
De uitnodiging voor een dorpsfeest
De ontspanning van een warm seizoen hard werken, zal worden verlicht
Met kermis, een feesttent, een optocht door het dorp, verbroederd opnieuw de dorpsgeest
Verhalen over de bezochte vakantiebestemmingen
Geven enige weemoed
Maar geven ook weer nieuwe aanwijzingen
voor de volgende zomer, mijmerend in de avondgloed
Ik zucht en begin te verlangen naar de warmte van de houtkachel in huis
En zie in de bossen de bladeren al vallen in zijn pracht en praal
En hoor in de bomen de wind met zijn geruis
Ik merk op dat ik ineens afdwaal
Langzaam neem ik afscheid van opnieuw een zomer
Leg mijn hoofd nog even in de zon
Probeer het voorjaar te voelen als de binnenkomer
En in de verte drijft een laatste luchtballon
Dag zomer, fijn dat je er weer was
Je hebt mij gebruind, gevoed en herinneringen gecreëerd
Heb genoten van je licht en het groene gras
Ik stap met veel energie het nieuwe seizoen in en omarm ik je volgend jaar gegarandeerd
september 2009
Herfst, herfst, wat heb je te koop?
Een jeugdherinnering: als klein meisje huppelde ik door de straat en zong ik dit liedje wanneer de bladeren spelend om mij heen, hun eigen weg gingen . Ik vond het fascinerend en tot aan de dag van vandaag heb ik een fijn en vertrouwd gevoel bij de Herfst
De charme van november
Het bospad ligt uitnodigend open
De bomen staan roerloos en hun takken als armen wijd uitgespreid
Alsof ze willen zeggen: “Kom bij ons binnen lopen”
De hondjes worden van hun halsband bevrijd
De typische geur van de Herfst is aanwezig
En hoe is dat in één woord te vangen
Rottende bladeren op het zandpad, die mul was in de zomer, zand tussen je tenen heel akelig
Maar nu natte, gekleurde bladeren die aan je laars blijven hangen
De bomen zijn nog half in blad
En ik zie de mooiste kleuren
Rood, goudgeel, donkerbruin, lichtbruin en groen op dit bospad
De wind die ruist en langzaam maar zeker een einde maakt aan dit gebeuren
De regen en de harde wind neemt de bladeren mee door de lucht
Als een spannend spel, waar komen ze terecht
Tussen de duizenden bladeren op het bospad met zijn hebzucht
De natuur heeft zijn verbond met het nieuwe seizoen aangelegd
Paddenstoelen schieten uit de grond met hun mooiste jasjes aan
De egeltjes scharrelen rond op zoek naar rust voor hun winterslaap
Door gebrek aan het zonlicht hebben de reeën een donkerder vacht aangedaan
Een eekhoorntje die de laatste beukennootjes wegkaapt
De winterslaap geldt ook voor de kikkers, padden en vleermuizen Spechten hakken verwoed op dennenappels en hazelnoten
En de ganzen vliegen in hun welbekende V-vorm, druk met verhuizen
Gakkend strijken ze zich in ons land neer vanuit een kouder oord, zo hebben ze dat opnieuw besloten
Misschien zie je dit alles niet tijdens een herfstwandeling
Maar wat wel ieder jaar opnieuw gebeurt
De kilte, het natte , grijze luchten, maar de harmonieuze aaneenschakeling
Gehuld in mijn winterjack, capuchon over mijn haren, hondjes aan mij zij, die zo’n wandeling mijn dag weer kleurt
november 2010
De sneeuw is vers gevallen
De sneeuw is vers gevallen
Mijn voetstappen verraden mijn gang in de sneeuw
De sterren fonkelen helder in de nacht
Het is stil buiten in Terwispel
En ik verdwijn heel zacht
De decembermaand krijgt een glans
Stralend van het feest om bij elkaar te zijn
Achter alle ramen straalt warmte uit, van de mensen die samenzijn
De warmte die ik ineens voel
Vervaagt in deze decembernacht ineens alle kou
De kou wordt verwarmd
Onverwachts gevonden, zo dichtbij
Gevonden in een decembernacht
Die koud en eenzaam kan zijn
Mijn hart begint te stralen
Van al het licht en warmte
En de duisternis neemt langzaam af
Het is tijd voor gezellige tijden
De sterren stralen voor iedereen en mij
In die donkere nacht, verlicht door verse sneeuw
Ik heb ineens zoveel te vertellen
Lief zijn voor een ander
Dat moet niet zo moeilijk zijn
Laat een ieder dat weten
Want het leven is te mooi voor verdriet en pijn
Met kracht en wijsheid wil ik het iedereen uitleggen
Maar zouden die sterren aan de donkere hemel de weg kunnen wijzen
Kijk allemaal naar buiten
Voel de pracht van het bestaan
Zie de witte deken, die het geluid dempt
En sereen haar pracht toont
Want er is zoveel te genieten
Mijn voetstappen in de sneeuw, brengen mij aan het dromen
Ik wil meer: kou en ijs op het water
Ik zie het, ik hoor het
Kinderstemmen blij en aanwezig op de vaart
Wat is dat lang geleden
Gehuld in warme jassen, mutsen en sjalen
Zie ik hen krabbelend over het ijs dwalen
Sleetjes, oude stoelen, vaders en moeders
Die zwoegen om hun kinderen het schaatsen te leren
Met vallen en opstaan en vooral proberen
Een sneeuwpop die knipoogt naar de kinderen, die aan de kant van het ijs staat
Ze heeft plezier aan alles wat ze ziet
En er is meer; mensen op schaatsten die geoefend voorbij glijden
Buiten Terwispel hun baan zoeken
Ze genieten van alle ijswegen
Komen de pracht en praal van de ijsvloer, samengevoegd met de natuur, tegen
Deze dag is uniek en komen na een lange reis, terug met rode wangen
Om zich thuis te verwarmen, begeleid met prachtige verhalen
En vroeg naar bed voor de volgende dag om hun schaatsen weer onder te binden
Want in het komende ochtendrood , zullen ze voor een lange route gaan kiezen
Het ijs blijft nog weken liggen om ervan te genieten
Och heldere sterren en verse sneeuw, wat zijn dit mooie dromen
Ik schrik op naar de werkelijkheid, om mij heen alles groen, koud en nat op straat
Want mijn fantasie werd geprikkeld door die heldere sterren, die aan de hemel staan
Rillend in mijn jas en mijn twee hondjes aan mij zij
Loop ik naar huis met al mijn dromen en gedachten
Weet dat daar de warmte ook op mij wacht
Wat kan een mens dankbaar zijn
december 2007
IJspret
Eén uur in de nacht en de temperatuur is – 5,5 in Terwispel. De nacht is stil en de volle maan houdt de wacht. Als je s’avonds door de weilanden loopt en de rijp ziet liggen op de bevroren grond, zie je kleine “kristallen” glinsteren, opgelicht door het maanlicht, een wonder der natuur.
De natuur, het weer, vaak onze vriend en of vijand. Deze afgelopen tijd was het weer/de natuur onze vriend. Het gaf ijs in de sloten, in de vaart, in de vijver en op een gevaarlijke plas water onder de sneeuw en bovenal op de ijsbaan. Vaak stond ik thuis achter het raam met het uitzicht op de ijsbaan, waar velen van ons zich heerlijk vermaakten. De allerkleinsten op een slee, kleine kinderen krabbelend achter een stoel, de grote kinderen stoer en verrukt, de ouderen die hun stramme benen strekten en de aller oudsten lachend aan de kant van de baan. Rode wangen, mutsen, sjalen, handschoenen, opgewekte stemmen, muziek uit de luidspreker, wat een feest. Een val, een traan, spierpijn, het hoort er allemaal bij als het even winter mag zijn in Terwispel.
De vrijwilligers, die nu al hun tijd met veel genoegen in de ijsvreugde stoppen, maken s’morgens vroeg al een rondje op het ijs, om alles weer op orde te brengen, zodat een ieder weer kan genieten. Wat een klasse en saamhorigheid. De basisschool die al direct de 2e dag na de Kerstvakantie de kinderen bijeen roepen om er een schaatsmiddag van te maken, ze waren de eersten hier in de omgeving, de kinderen reden een marathon of haalden hun stempels met een ware Elfstedentocht. Vrijdagavond ( 9 januari ) werden de estafettewedstrijden gehouden en wat deden er veel fanatiek aan mee, we werden allemaal een team en het maakten niet uit wie won, het ging om het plezier en het kunnen doen van eens in de zoveel tijd. En al het publiek rond het ijs, zuchtend dat zij het niet meer konden en met weemoed toekeek.
Straks over een paar uur zal de zon weer als een rode pracht boven de horizon klimmen, de weilanden liggend in de rijp en de mist, geven ons opnieuw een prachtig schilderij. Het begin van een mooie dag: waarschijnlijk een laatste schaatsdag? De weersvooruitzichten zijn niet gunstig en zal spoedig de dooi zijn intrede gaan doen na het weekend. Och het weer/ de natuur onze vriend van de afgelopen tijd , gaat ons verlaten en geeft ons misschien weer veel gladheid, ongemak, regen en een andere kou. Het is zo jammer, maar we hebben het weer/ de natuur niet in de hand. Het enige wat we kunnen doen, is hopen dat het vriezen deze winter nog eens gezellig terug mag komen. Ik wens iedereen nog een fijne, koude, schaatsende zondag toe.
januari 2009
Witte deken
De verlaten weg op de Alde Hiemen is sereen wit
De wind huilt tussen de bomen door
Alsof ze wil zeggen: de nacht is begonnen en ik ben er nog met mijn gevit
Maar mijn voetstappen in de sneeuw en hondenpootjes zeggen terug: jouw gehuil is iets waar ik mij niet aan stoor
Wij genieten van de nacht, de rust die er heerst, laat ons los gaan op die witte deken
De hondjes krijgen de kans om alle nieuwe geurtjes op te snuffelen , wat de sneeuw hen brengt
En happen elkaar in de oren met hun enthousiaste hondenstreken
Die mij na een ontspannen avond thuis mijn blijdschap dubbel vermengd
Aan de pootjes in hun vacht hangen weer de eerste sneeuwklonten
Die hen nu in zijn geheel niet stoort
Zal thuis bij de kachel oplossen in sneeuwwater, nu ver weg van de koudefronten
Ik zuig de nacht nog op, met mijn handen in de jaszak,mijn neus in de sjaal , met de winter in mijn neus als antwoord
Koning winter ik kan je aanbidden in deze prachtige nacht
Ga jij maar rustig door en maak met de sneeuw voor morgen weer een harmonieuze eendracht